dinsdag 12 februari 2013

GK steunt Bengaalse lente

 
Vandaag is het precies een week geleden dat het in Bangladesh geïnstalleerde oorlogstribunaal Quader Mollah veroordeelde tot levenslang wegens moord, verkrachting en andere wreedheden begaan tijdens de bevrijdingsoorlog in 1971, toen hij collaboreerde met Pakistan. Hij  wordt o.m. schuldig bevonden aan het vermoorden van meer dan 344 onschuldige dorpelingen. Veertien dagen voordien was een andere beklaagde tot de doodstraf veroordeeld: ophanging. Maar omdat hij voortvluchtig is (hij zou in Pakistan onderdak gevonden hebben), ontsnapt hij aan de strop. Momenteel wachten nog verschillende andere beklaagden op hun proces en verdict. Iedereen verwacht de zwaarste straf, want wie hier een moord heeft gepleegd riskeert ook de doodstraf, die hier niet wordt omgezet in levenslang.

Meer dan veertig jaar na de feiten wordt eindelijk werk gemaakt van de berechting van deze oorlogsmisdadigers. De internationale gemeenschap is het erover eens dat hier in 1971 een echte genocide plaatsvond. Pakistan en haar Bengaalse collaborateurs hielden een ware slachting onder de intelligentsia, de academici en ook de hindoes werden geviseerd. Cijfers lopen uiteen maar spreken boekdelen: meer dan 10 miljoen mensen op de vlucht, naar schatting meer dan 1 miljoen doden en vele honderdduizenden verkrachtingen. Ouderen onder ons zullen zich het ‘Concert for Bangladesh’ in Madison Square Garden, New York, herinneren, op initiatief van o.m. George Harrisson en Ravi Shankar. Het trauma, verbonden met de ontstaansgeschiedenis van dit land, blijft tot op vandaag nawerken. Met de rechtspraak wordt eindelijk geprobeerd de wonden te helen. Neen, hier worden geen oude wonden terug opengereten.

Reeds in 1973 had het toenmalig parlement een wet goedgekeurd om de oorlogsmisdadigers voor de rechtbank te brengen. Maar daar is verder nooit werk van (kunnen) gemaakt. Na de moord in 1975 op Eerste Minister Mujibur Rahman, the father of the nation, namen militairen de macht over. En fundamentalistische moslims, inclusief de collaborateurs, creëerden Jamaat, een politieke partij, die de voorbije decennia aardig wat invloed wist te verwerven, niet in het minst dankzij het grote kapitaal waarover zij beschikken. Het is pas tijdens de laatste verkiezingen in december 2008 dat Awami League, de huidige regeringspartij, aankondigde werk te zullen maken van een effectieve berechtiging van de misdadigers. Het leverde hen een klinkende verkiezingsoverwinning op: ruim 75% van de 300 parlementszetels.
De uitspraak van de rechtbank op 5 februari jl. viel dus in slechte aarde. Iedereen zwaar ontgoocheld over de strafmaat. Eminent historicus Muntassir Mamoon: “Hoeveel moorden moet je begaan alvorens de doodstraf te krijgen?” Jongeren komen massaal de straat op. Het spontane volksprotest dat daaruit resulteerde, vooral gemobiliseerd via facebook en bloggers, groeit na een week nog steeds aan. Shahbagh is meer dan een kruispunt in stad waar de actievoerders verzamelen blazen, waar dagelijks tienduizend mensen – vaak na de school- en werkuren – komen protesteren. In het nabijgelegen park Shadinata Stambha, op 7 maart 1971, riep Mujibur Rahman de bevolking op tot burgerlijke ongehoorzaamheid en onafhankelijkheid van Pakistan. Bevrijding is het gemeenschappelijk kenmerk tussen de huidige protesten en de acties veertig jaar geleden. En dat merk je ook in de slogans en de liederen die de manifestanten aanhoudend echoën. Oudere films over de bevrijdingsoorlog worden tijdens de manifestatie aan deze nieuwe generatie jongeren getoond. De geschiedenis herhaalt zich, schrijven de media. Uit de geschiedenis kunnen we leren, wordt in de nabijgelegen universiteit benadrukt.

Het protest is van een voor Bangladesh ongeziene omvang. ‘Het is de eerste keer in vier decennia dat we vrij en publiekelijk durven spreken, zonder gevaar te lopen op repressie,’ verklaart Nazrul (zelf een freedom fighter) het nog steeds toenemend aantal actievoerders. “In het begin waren we met een goeie 1500 jongeren, allemaal via internet gemobiliseerd. Blijkbaar zuigt onze actie heel de natie mee,” stelt Imran vast. Hij is een van de initiatiefnemers, die van Shahbagh Square hun place-to-be gemaakt hebben. De plaats is ook omgedoopt tot Youth Square. “We gaan niet weg voordat onze eisen zijn ingewilligd; dag en nacht zijn we hier en vastberaden blijven we onze eisen scanderen. De steun die we krijgen uit alle lagen van de bevolking bewijst dat we op de juiste nagel kloppen,” evalueert hij het succes van de acties. De acties blijven zeker niet tot Dhaka beperkt. In alle grote steden van het land lopen gelijkaardige initiatieven. Overal nemen jongeren, artiesten, leerkrachten en sociale activisten het voortouw. Overal brengen de manifestaties een ware volkstoeloop op de been. Media spreken altijd van ‘ten thousands’ maar het is realistischer om van meer dan honderdduizend te spreken. De kracht van deze niet-partijpolitieke beweging wordt door alle lagen van de bevolking zonder onderscheid van afkomst, geslacht, opleiding of rang erkend. Politieke partijen staan er wat aangeslagen bij; ze worden in de hoek gezet en moeten hun geplande manifestaties afblazen; moeizaam proberen ze aansluiting te vinden bij deze revolutionaire volksbeweging.

Het eisenpakket van de activisten, daarbij gesteund door brede lagen in de bevolking, gaat verder dan de doodstraf voor de oorlogsmisdadigers. De wet op het oorlogstribunaal moet de mogelijkheid bieden aan verdediging en aanklager om tegen de uitspraak in beroep te gaan. Verder moeten Jamaat-e-Islami en op godsdienst gebaseerde politieke partijen verboden worden. Media, bedrijven en socio-culturele verenigingen, geleid door oorlogsmisdadigers, moeten ontbonden worden. En er moet juridische actie ondernomen worden tegen de politieke leiders die de afgelopen weken met een burgeroorlog dreigden.
Creatief en ludiek, en vooral vreedzaam en jeugdig zijn de kenmerken van dit protest. Dat valt op als ik tegen de middag ter plaatse kom. Moeders vergezellen hun dochters. Vaders zijn fier dat hun zonen hun idealen delen. Het is drummen aan het reeds meer dan 500 meter lange witte doek om je gedacht neer te schrijven. Studenten in uniform uit ontelbare scholen vervoegen samen met hun leerkrachten de menigte. Ze werpen hun boekentas op een hoop, zetten zich in een kring  en brengen extra vurigheid in de massa.  De mensenzee van manifestanten blijft de ganse namiddag aanzwellen tot een tsunami van opstand. Muziek, film, zang, straattoneel, slogans, straatschilderingen, posters maken: het is een chaos aan activiteiten. Enkele studenten brachten hun studieboeken mee en bereiden zich samen voor op hun examen de volgende dag. Onverzorgde straatkinderen in hun gekende lompen en op blote voeten beleven unieke momenten en maken een dansje op de tonen van Bengaalse volksliederen. Mobiele toiletten zijn aangebracht als was het een groot festival. Op elke deur plakt de naam van een van de beschuldigden. Water en koekjes worden aangevoerd; een schenking van een ondernemer die geen tijd heeft om zelf langs te komen. Als de nationale cricketploeg haar steun komt betuigen, gaat de massa helemaal uit de bol. Luid applaus als omgeroepen wordt dat in Melbourne een grote manifestatie aan de gang is uit solidariteit met Shahbagh. Vreugdedansen en nog luidere slogans als de luidsprekers vertellen dat een bedelaar zijn volledige dagopbrengst aan de volksbeweging geschonken heeft. De oudere generatie is duidelijk tevreden met dit signaal van de jongeren. De geest van 1971 is uit de fles en dat doet zichtbaar enorm veel deugd. “We mogen gerust zijn om het land in handen te geven van deze jonge generatie. Deze golf van verontwaardiging, deze uitbraak van ongenoegen roept het establishment een halt toe,” vindt Mustafa. “A big ‘no’ to the establishment politics, whether in power or in opposition.”  Daarom mag geen enkele politicus het podium op om de massa toe te spreken. Voor vandaag wordt een nieuwe stap in de vreedzame acties aangekondigd. De jongeren vragen 3 minuten stilte om vier uur deze namiddag. “Omdat we beseffen dat niet iedereen naar Shahbagh kan komen,” verduidelijkt Imran.

“Ik voel exact dezelfde emotie opkomen als toen,” vertelt een geëmotioneerde Morshed me aan de telefoon. “In het voorjaar van 1971 kwamen we ook spontaan de straat op. Dit volksprotest leidde uiteindelijk tot de bevrijding. Onze generatie, die gevochten heeft voor een vrij Bangladesh, hoopt dat dit protest onder leiding van jongeren kan leiden tot vrijheid voor elke Bengaal.” Na enkele seconden stilte: “Bedankt dat je naar Shahbagh wou gaan.” Zijn stem breekt. Verbinding verbroken, maar meer dan ooit  verbonden.
Naschrift: Deze ochtend (12 febr) vind ik dit bericht van Kadir in mijn mailbox: “GK ondersteunt deze beweging. Sandhaya Roy vervoegt de manifestanten samen met andere bestuursleden. En morgen organiseren we met GK en met de studenten geneeskunde een menselijke ketting aan het nationaal monument in Savar.” (nvdr.: GK is partnerorganisatie van Wereldsolidariteit)
Jef Van Hecken,
Dhaka 12 februari 2013